Sociaaleconomische status

De sociaaleconomische status (SES) staat voor de positie van mensen op de maatschappelijke ladder. Die positie ontstaat uit een combinatie van (1) materiële omstandigheden; (2) vaardigheden, capaciteiten en kennis; en (3) het sociale netwerk en de status en macht van mensen in dat netwerk. SES kan niet op een directe manier gemeten worden. Wel kan SES bij benadering gemeten worden met de indicatoren inkomen, opleidingsniveau en beroepsstatus.

Er bestaan in Nederland aanzienlijke verschillen in gezondheid tussen mensen met een hoge en mensen met een lage SES. Hoogopgeleiden (hbo- of universitaire opleiding afgerond) leven gemiddeld ruim zes jaar langer dan laagopgeleiden (alleen basisonderwijs). De periode dat hoogopgeleiden hun gezondheid als goed ervaren, is zelfs bijna 19 jaar langer dan bij laagopgeleiden.

De minder goede gezondheid van mensen met een lage SES wordt deels veroorzaakt door hun leefstijl en leefomgeving. Ze roken bijvoorbeeld vaker; eten minder vaak groente en fruit; bewegen minder; en wonen vaker in een buurt met weinig groenvoorzieningen en minder veilig verkeer. Een slechtere gezondheid kan echter ook de oorzaak zijn van een lagere SES, bijvoorbeeld doordat de gezondheid het volgen van een opleiding of deelname aan het arbeidsproces in de weg staat.

Sociaaleconomische status in de gemeente Ermelo

Het gemiddeld besteedbaar inkomen is in de gemeente Ermelo €37.400 euro per jaar per huishouden. Dit ligt hoger dan gemiddeld in Noord- en Oost-Gelderland en Nederland. Het is vergelijkbaar met het gemiddelde in de Noord-Veluwe.

In de gemeente Ermelo heeft 8% van de particuliere huishoudens een laag inkomen. In deze huishoudens woont 9% van de minderjarige kinderen in de gemeente Ermelo. Beide percentages komen overeen met het gemiddelde in de Noord-Veluwe en Noord- en Oost-Gelderland, maar zijn lager dan gemiddeld in Nederland.

Het percentage volwassenen dat aangeeft moeite te hebben met rondkomen is in de gemeente Ermelo 16%. Dit komt overeen met het percentage volwassenen dat aangeeft moeite te hebben met rondkomen in de Noord-Veluwe, Noord- en Oost-Gelderland en Nederland.

In de gemeente Ermelo heeft 38% van de volwassenen van 19 jaar en ouder een laag opleidingsniveau. Dit is lager dan gemiddeld in de Noord-Veluwe, maar komt overeen met het percentage volwassenen met een laag opleidingsniveau in Noord- en Oost-Gelderland en Nederland.

Inkomen en opleidingsniveau van de bevolking, 2012-2014
  Ermelo Noord-Veluwe Noord- en Oost-Gelderland Nederland
gemiddeld besteedbaar inkomen per particulier huishouden1 €37.400 €36.000 €35.000 €34.800
percentage volwassenen van 19 jaar en ouder dat moeite heeft met rondkomen2 16% 18% 19% 19%
percentage particuliere huishoudens met laag inkomen3 8% 7% 8% 10%
percentage minderjarige kinderen dat woont in particulier huishouden met laag inkomen3 9% 9% 9% 12%
percentage laag opgeleide volwassenen van 19 jaar en ouder2 38% 42% 41% 41%
1 Bron: CBS, 2014
2 Bron: Monitor Volwassenen en Ouderen, 2012
3 Bron: CBS, 2013
Als er een significant verschil (p<0,05) ten opzichte van de gemeente is, dan is dat vet weergegeven.

Trends

Landelijk is het percentage huishoudens met een laag inkomen tussen 2009 en 2013 gestegen. Ook het percentage minderjarige kinderen dat woont in een huishouden met een laag inkomen, is in die periode gestegen.

In de gemeente Ermelo is het percentage huishoudens met een laag inkomen tussen 2009 en 2013 gestegen. Dit komt overeen met de trend in de Noord-Veluwe. Het percentage minderjarige kinderen dat in een huishouden met een laag inkomen woont, is in de gemeente Ermelo tussen 2011 en 2013 ook gestegen. In de Noord-Veluwe stijgt dit percentage ook sinds 2009..

Het percentage volwassenen van 19 tot 65 jaar dat aangeeft moeite te hebben met rondkomen, is tussen 2008 en 2012 gelijk gebleven in de gemeente Ermelo en in de Noord-Veluwe.

Het percentage volwassenen met een laag opleidingsniveau is tussen 2008 en 2012 gedaald in de Noord-Veluwe. In de gemeente Ermelo is er geen verschil.

B huishoudens met laag inkomen ErmeloB opleidingsniveau en rondkomen Ermelo

Verschillen tussen doelgroepen in Noord Veluwe

B opleidingsniveau en rondkomen NV

Vrouwen zijn vaker laag opgeleid dan mannen.

Naarmate de leeftijd toeneemt, neemt het percentage volwassenen met een laag opleidingsniveau toe. Verder geven de 35- tot 50-jarigen vaker dan gemiddeld aan moeite te hebben met rondkomen, terwijl de 65- tot 75-jarigen en 75-plussers minder vaak dan gemiddeld aangeven moeite te hebben met rondkomen.

Naarmate het opleidingsniveau toeneemt, geven minder volwassenen aan moeite te hebben met rondkomen.

Alleenstaanden zijn vaker laag opgeleid dan samenwonenden en geven ook vaker aan moeite te hebben met rondkomen dan samenwonenden.  

Autochtonen zijn minder vaak laag opgeleid dan niet-westerse allochtonen. Ook geven autochtonen minder vaak aan moeite te hebben met rondkomen dan niet-westerse allochtonen.

Sociaaleconomische status in Noord- en Oost-Gelderland

Het aandeel laag opgeleiden varieert van 33% in de gemeente Zutphen tot 52% in de gemeente Oldebroek. De gemeente Ermelo (38%) valt in de groep gemeenten met relatief weinig laag opgeleiden.  

Het aandeel kinderen die wonen in een huishouden met een laag inkomen varieert van 6% in de gemeente Oost Gelre tot 13% in de gemeente Zutphen. De gemeente Ermelo (9%) is gemiddeld.

B Percentage kinderen die wonen in een huishouden met een laag inkomenB Percentage volwassenen van 19 jaar en ouder met een laag opleidingsniveau

Bronnen